Programma

Groen zal de volgende zes jaren niet mee besturen maar vanuit de oppositie zullen we inhoudelijk verder werken en vandaaruit ons programma op tafel leggen.

 

Hier vind je het programma , 13 items onder elkaar.

Groen staat voor eerlijker, gezonder en menselijker.

Deze drie woorden vormen de basis van elk programmapunt.

Heb je geen zin in langere teksten ? Onze programmafolder vertelt je in een notendop over de concrete actiepunten.

Hier vind je de folder. 

Publieke ruimte

PUBLIEKE RUIMTE

We streven in de eerste plaats naar een publieke ruimte die een positieve invloed heeft op zowel de fysieke als de mentale gezondheid. Een Gezonde Gemeente gaat voorop in al onze programmapunten.

Bij (her)aanleg van publieke ruimte gaan we verder uit van de meest kwetsbare weggebruikers, door de kindnorm en seniorennorm als uitgangspunt te nemen. Want wat op maat is voor kinderen, senioren, jonge ouders met een kinderwagen, is meteen aangenamer en veiliger voor alle weggebruikers en buurtbewoners.

We houden ook rekening met een set aan kwaliteitscriteria. Een kwalitatieve publieke ruimte biedt comfort aan de  gebruikers: wandelcomfort, verblijfscomfort, zitplaatsen, zichtkwaliteit, geen geluidsoverlast, geen luchtverontreiniging. Kwalitatieve publieke ruimte is qua schaal ook aangepast aan de omgeving, is mooi en aangenaam om te verblijven, ze biedt belevingswaarde . Een kwalitatieve publieke ruimte verhoogt de (verkeers)veiligheid en beschermt tegen wisselende weersomstandigheden en vervuiling. Een kwaliteitsvolle invulling van de publieke ruimte vertrekt van de bestaande kwaliteiten en de geschiedenis van de plek.

Het is voor ons een must om alvast te starten met het autoluwer maken van schoolomgevingen zodat we de lucht rondom onze scholen schoner krijgen. We willen onze onverharde wegen toegankelijker maken voor de fiets opdat ze een schonere route zijn onderweg naar school of werk. En vanuit de Broekstraat willen we dat je de basisschool beter bereiken langs een rolstoeltoegankelijk pad.

Groen durft echt te dromen en verbeelden : beeld je in dat je in Rijmenam op brede trappen naast de Dijle kan genieten van het zuivere water of dat je kan zonnen en picnic-en op een groot groen plein onder de kerktoren in Bonheiden ?

Of wat met het grauwe asfaltplein voor de parochiezaal aan Ludwina nabij de Putsesteenweg ? Een ontmoetingszaal, de fietsstraat, de groene speelweide voor de chiro, de jeugdlokalen en de kapeltuin samen op één locatie geven deze plek bijzondere mogelijkheden om er een evenementen en belevingsplek voor de wijk ‘de stieweg’ van te maken.

 

Het parkeerbeleid weegt op de openbare ruimte en neemt er vooral veel van in: de belangrijkste parkeernorm zou de fietsnorm moeten worden. Groen wil de verplichting om bij nieuwbouw ( en ook in meergezinswoningen ) goede stalplaatsen voor fietsen te voorzien. Dit maakt de fiets als de meest evidente keuze. Een goed parkeerbeleid is voor ons een fietsparkeerbeleid : een keuze voor hoge parkeernormen voor auto’s (met als argument dat zo auto’s van de weg worden gehaald) bestendigt enkel de positie van de auto: hoe meer parkeerplaatsen, hoe meer auto’s en hoe groter de autodruk.

 

We maakten een filmpje over ons idee over het strand van Rijmenam ! Je kan het hier bekijken.

 

Lokale economie

Kleine handelszaken in de kernen van onze gemeente willen we zichtbaar en karakteristiek maken door in te zetten op branding, beleving en evenementen. Zo tonen we wat het handelsmerk is en waar we als gemeente fier op zijn.

 

Bonheiden bruist, Rijmenam rinkelt…

We willen creatief omgaan met functies van leegstaande winkels en panden, door eigenaars te vragen hun panden open te stellen als pop-up of co-working ruimte voor starters, zelfstandigen en thuiswerkers. Misschien kunnen we eigenaars stimuleren hun vitrine ter beschikking te stellen van kunstenaars of met een (historische) foto af te plakken of er een (tijdelijke) sociale  of gemeenschappelijke functie aan te geven.

Maar ook woon-werkplekken creëren op plaatsen waar je het niet verwacht ! Verbeeld je dat ooit de kerk jouw kantoor kan worden ? We willen een lokale banenmarkt waar bedrijven uit de gemeente hun bedrijf, openstaande vacatures, stageplaatsen en opleidingen presenteren. Op die manier komen werkzoekenden in contact met lokale bedrijven en vinden zij misschien werk dicht bij huis. Vooral specifieke aandacht naar jongeren en kort-geschoolden is hier belangrijk.

 

Toerisme kan één van de dragers worden van onze lokale economie.

Als we onze bossen, onze natuur en onze landschappen duurzaam beheren kunnen ze een voorname trekpleister worden voor wandelaars en fietsers. Maar ook ons erfgoed in combinatie met lokale producten en evenementen die aansluiten bij onze streek. Wat zou het fijn zijn dat onze centra een boost kregen met nieuwe horecazaken en kleinschalige voedselbedrijven waar groenten en fruit rechtstreeks van het veld in de winkelrekken terechtkomen. Een arrangementje “Witloof proeven en kant bewonderen” lijkt recht uit Vlaanderen vakantieland te komen….. Ook het domein Zellaer kan alvast voor extra toeristische werkgelegenheid zorgen in eigen streek en misschien het potentieel van de nabijgelegen horeca verhogen.

 

We ondersteunen de coöperatieve economie.

Want coöperaties zijn terug van nooit echt weg geweest. Ze nemen vaak een voortrekkersrol op in het duurzaam ondernemen en de circulaire economie. Coöperatief ondernemen is een erg democratische vorm van ondernemen: ieder heeft één stem en kan profiteren van de winsten. Daarom proberen we gebruik te maken van coöperatieve voorwaarden in de criteria van openbare aanbestedingen of bij innovatieve overheidsopdrachten. Misschien kunnen we als gemeente toetreden tot een coöperatieve, zeker als er een gemeenschappelijke nood of uitdaging is zoals bijvoorbeeld de vernieuwing van de straatverlichting of de opwekking van hernieuwbare energie. We willen absoluut op zoek gaan naar partnerschappen met burgercoöperaties om die energietransitie mogelijk te maken.

Wonen

Elk lokaal bestuur heeft eigenlijk het beste zicht op de woonproblematiek in de eigen gemeente. Bovendien is de afstand tot inwoners met woonvragen daar het kleinst. Groen ziet daarom een nog sterkere regie- en dienstverlenende rol weggelegd voor het lokaal bestuur : we maken van het lokaal woonoverleg een plek voor visievorming en formuleren er duidelijke en ambitieuze doelstellingen.

Als regisseur betrekken we van bij het begin alle lokale woonactoren en hebben we aandacht voor de spelers op de huurmarkt, want verhuurders betrekken is cruciaal om onze huurmarkt te versterken. Zo kunnen jonge gezinnen een betaalbare woning vinden.

Groen wil de weg op die de Vlaamse bouwmeester aangaf : denser gaan bouwen in het dorpscentrum om zo de vrije ruimte aan de randen van het dorp te vrijwaren. Stedenbouwkundige voorschriften en ruimtelijke plannen moeten we aanpassen om verdichting in (verkavelings)wijken te realiseren en nieuwe (gedeelde) woonvormen toe te laten.

De tendens naar meer appartementsbouw willen we strikter omkaderen op maat van het dorp en de wijk. We leggen elk groot woonproject voor aan een kwaliteitskamer die als een soort woonkwaliteitscel fungeert en het project integraal beoordeelt en advies geeft aan het college. Deze cel bestaat uit de betrokken diensten én uit externe experten.

We willen ervoor gaan om onze woonuitbreidingsgebieden niet aan te snijden want er is er nog meer dan genoeg ruimte om aan huidige en toekomstige woonnoden te voldoen. Het project Grote Heide zit in een laatste voorbereidingsfase en kan nog ontwikkeld worden, maar dan stopt het. Om Grote Heide te realiseren hebben we wel woongebieden definitief omgezet in open ruimte. Van de Meurop-zone, tot heden een industriesite in Rijmenam, willen we een kwaliteitsvol woongebied maken met enkele voorzieningen zoals bv. kinderopvang of ontspanningsruimte. Zowel de Grote Heide als de Meurop-site moeten het wonen in Bonheiden en Rijmenam betaalbaar maken voor jonge gezinnen of voor jongeren op zoek naar een eigen huis in eigen dorp.

Samen met andere overheden moeten we toekomstgericht kijken naar de onbebouwde en vaak beboste ruimte die er vandaag nog rest in onze gemeente. Ondanks dat het veelal ingekleurd is als woongebied, moeten we in samenspraak met eigenaars dit in vraag stellen.

Samenleven

Hoe zorgen we dat we nog beter met elkaar kunnen samenleven in onze gemeente? Want burgers zijn mondig en laten zich graag horen als het niet naar hun zin is. Maar burgers zijn ook creatief en kennen als de beste de situatie in hun straat of wijk. Daarom willen we meer burgerbetrokkenheid en het actief burgerschap promoten.

Elke inwoner mag ook weten waarvoor de gemeente de belastinggelden inzet. We zoeken naar medezeggenschap over de budgetbesteding door middel van burgerbegroting en wijkbudgetten :

- We willen mensen samen iets laten doen want het is één van de krachtigste vormen van participatie. Via wijkbudgetten kunnen we actief burgerinitiatieven ondersteunen en voorzien waar nodig logistieke en/of personele ondersteuning door de gemeente. Wijkbudgetten voor initiatieven die een duidelijk positief effect hebben op de buurt moeten zeker kunnen.

- We denken aan een systeem van wijkambassadeurs die in nauw contact staan met de wijkbewoners. Samen kunnen we initiatieven ontwikkelen en behoeften kenbaar maken.

- Of kunnen burgers uit een straat of wijk zelf beslissen over een deel van het lokale budget, met een burgerbegroting ? Een percentage van het gemeentelijk werkingsbudget leggen we in handen van de inwoners en zij beslissen welke thema’s ze belangrijk vinden en hoeveel geld ze hieraan willen geven. Vervolgens kunnen burgers projecten indienen om dit geld te besteden. Tijdens een soort burgerbegrotingsfestival maken inwoners een definitieve keuze over welk project wordt uitgevoerd.

 

Participatie, Groen luistert...

We willen daadwerkelijk inzetten op participatie want goede participatie verhoogt zowel het draagvlak als de kwaliteit van projecten.

Bij de opmaak van het RUP Bonheiden Centrum en het klimaatactieplan kozen we reeds voor participatieprocessen. Die weg willen we verder inslaan via verschillende methodes zoals het “ontwerpend onderzoek”. Ontwerpend onderzoek is een techniek die ‘ruimtelijk ontwerp’ en ‘onderzoek’ combineert, om zo de toekomst van verschillende ruimtelijke scenario’s te verbeelden. Door gebruik te maken van verschillende thematische kaarten, maquettes, 3-dimensionele schetsen of foto’s van buitenlandse voorbeelden, kun je de uiteenlopende mogelijkheden voor de inrichting van een gebied in beeld brengen. Voor een goed ontwerpend onderzoek betrekken we verschillende experten en belanghebbenden: stedenbouwkundigen, architecten, verkeersdeskundigen, mensen die de geschiedenis van het gebied kennen, bewoners, eigenaars, allerlei verenigingen,… Zo weerspiegelt het ontwerpend onderzoek de verschillende meningen en belangen in de samenleving.

 

Er wonen heel wat vrijwilligers in onze gemeente. Met een lokaal vrijwilligersbeleid tonen we dat we het echt menen met het engagement van onze mensen. Een overzicht van het aanbod voor vrijwilligers bij alle organisaties in Bonheiden of Rijmenam op onze website, een eigen aanbod aan vrijwilligerswerk bij de lokale diensten, een vormingsaanbod dat steunt op vrijwilligers. Een open houding naar al deze burgers is cruciaal.

Feesten, festivals en andere evenementen brengen mensen samen. Ze zijn een middel om op lokale schaal dynamiek en samenleven te bevorderen. Een verdere uitbouw van een duidelijk en toegankelijk evenementenloket, een centraal aanspreekpunt voor initiatiefnemers van feesten, zorgt ervoor dat de drempel om iets te organiseren verlaagt. Bottom-up ideeën geven we graag een duwtje in de rug via logistieke en financiële ondersteuning. Een geefmarkt, een ruilkast of een inhuldiging van een nieuw speeltuigje in de straat, sportieve battles, mensen samenbrengen aan een mobiele ontbijttafel of een pop-up praatterras, het verhoogt allemaal de sociale omgang en werkt tegen verzuring.

Tot slot vinden we het debat op de gemeenteraad erg belangrijk en willen elke openbare zitting van de gemeenteraad starten met een actualiteitsdebat waar elke fractie zijn standpunten kan geven over een actueel thema. 

 

Energie en klimaat

Nog meer zelfvoorzienend worden, klimaatneutraliteit ambiëren, dat is het absolute minimum dat we willen bereiken tegen 2030. Een integrale uitvoering van het -door de gemeenteraad unaniem goedgekeurde- klimaatactieplan is daarom een goede vertrekbasis.

Veel inzetten op zon maar niet ten koste van de bomen, we leveren geen kapvergunningen af voor PV – installaties. Carports en overdekte parkings, publieke gebouwen, bedrijfsgebouwen, zelfs overdekte fietsenstallingen kunnen PV panelen opvangen. Als gemeente kunnen we hernieuwbare energieopdrachten trachten uit te besteden aan een coöperatieve, zo kan elke burger participeren!

We willen een fossielvrije gemeente worden. Vanaf 2019 moeten alle overheidsgebouwen 'Bijna Energieneutraal' gebouwd worden. We zetten onze ambitie scherper en streven naar klimaatneutraliteit van alle overheidsgebouwen tegen 2030.

En we zetten verder in op het verduurzamen van de mobiliteit van het gemeentelijk personeel en bezoekers door radicaal te kiezen voor een elektrisch wagenpark. Groene werklieden werken waar het kan met machines zonder fossiele brandstoffen.

Na de grote droogte van zomer 2018 zijn we ons nog meer bewust hoe kostbaar water wel is! Grote Heide moet  daarom een 'waterneutrale wijk’ worden. Alle hemelwater wordt er ofwel gebruikt ofwel geïnfiltreerd in de bodem binnen de wijk. Er moet geen hemelwater afgevoerd worden. Regenwater is een gratis grondstof.

Ons gemiddeld drinkwaterverbruik is 100 liter per persoon per jaar. Voor slechts de helft van dit waterverbruik is drinkwaterkwaliteit nodig. Voor de was, het toilet of het begieten van de tuin kan gemakkelijk overgeschakeld worden op andere waterbronnen zoals de regenwaterput. Er is dus nog zeer veel ruimte voor waterbesparende maatregelen.

Ook voor het hele grondgebied zou de opmaak van een hemelwaterplan en een duidelijke visie op het waterbeleid zinvol zijn. De rioleringswerken moeten alleszins aan hoog tempo worden verder gezet. We hopen dat onze partners Aquafin en Hidrorio voldoende middelen verkrijgen van de Vlaamse overheid.

Omdat het bovenlokale kader voor warmte nog onduidelijk is en te weinig ambitie toont, moeten we als lokaal bestuur de komende jaren een voortrekkersrol nemen als lokale warmte-regisseurs. Want warmte moet ons brengen naar een aardgasloze gemeente. De opmaak van een lokaal warmteplan op basis van energiedata, (mogelijke) warmtebronnen en typologieën van woningen kan ons veel vertellen. Uit zo'n warmteplan kunnen we een zoneringsplan ontwikkelen dat de verschillende warmte-mogelijkheden in kaart brengt voor verschillende wijken, verkavelingen, etc. Op basis daarvan kunnen we aan de slag om de lokale regelgeving aan te passen en samenwerkingen op te zetten.

 

 

 

Kinderen en jongeren

Kinderen hebben ruimte nodig. Ze hebben recht op ontspanning en spel in hun buurt, zonder opgesloten te worden in (speel)reservaten. Daarom voorzien we extra speelelementen in straten en op pleinen. Misschien moeten onze straten eerst een speeltoets ondergaan en dan realiseren we een speelweefsel en een kindlint.

Een speelweefsel is een netwerk dat alle informele en formele (speel)plekken omvat, en de routes die deze plekken verbinden. We geven met een speelweefselkaart een duidelijk overzicht van alle publieke speelruimte, jeugdlokalen en -terreinen, en de veilige wegen er naartoe.

Een kindlint is een kindvriendelijke route in de wijk die speelplekken, scholen en andere kinderbestemmingen met elkaar verbindt.

Op nieuw speelplekken hoeven geen peperdure speeltuintoestellen te staan. Er zijn veel mogelijkheden om avontuurlijk speelgroen aan te leggen. Op elke school streven we naar een GRAS (Groene en Avontuurlijke Speelplaatsen) want GRAS daagt kinderen uit om te bewegen. Natuurelementen verhogen speelkansen. Pestgedrag daalt wanneer kinderen in een meer ontspannen sfeer spelen. Ook buiten de lesuren zijn ze een natuurlijke leeromgeving voor kinderen. We koppelen een aantal criteria aan de ondersteuning van scholen voor het omtoveren van een speelplaats tot een GRAS: betrokkenheid van ouders of buurt, inspraak van de kinderen zelf. We voorzien begeleiding van de jeugddienst bij het participatief traject. Zo is er geen excuus meer om niet buiten te spelen.

Kinderopvang : genoeg plek voor iedereen ?

We voeren een actief beleid rond kinderopvang. Kinderopvang heeft een pedagogische en sociale functie. Kwalitatieve kinderopvang is een belangrijk instrument om de gelijke kansen van elk kind waar te maken. Daarnaast kunnen ouders in de kinderopvang sociale steun van elkaar en opvoedingsondersteuning in de praktijk krijgen. We richten een ‘lokaal loket kinderopvang’ op, bijvoorbeeld in een Huis van het Kind dat zetelt in het nieuwe vrijetijdscentrum. Aan het loket kan je terecht voor alle kinderopvangvragen of informatie over vrijetijdsactiviteiten. Er zijn ook digitale mogelijkheden, zoals een kinderopvangwijzer, die alle info bundelt en online toegankelijk maakt.

We blijven buitenschoolse kinderopvang realiseren in nauwe samenwerking met externe partners zoals de scholen, het jeugdwerk, speelpleinwerking, sport, sociaal-cultureel werk en welzijnswerkers. We zorgen voor een actueel infopunt over vraag en aanbod van opvang voor de schoolvakanties.

We willen bijzondere aandacht voor de groeiende vraag naar flexibele opvang (zieke kinderen, heel vroeg of heel laat), met als uitgangspunt de draagkracht van het kind. Ook alternatieve vormen van kinderopvang verdienen steun, zoals het ' bijspelen' : een solidaire buitenschoolse kinderopvang met een beurtrolsysteem, georganiseerd door de ouders, grootouders & familieleden ...

 

Het jeugdwerk moet deel zijn van een integraal beleid voor cultuur, vrije tijd en sport. Daarom is samenwerking tussen verschillende diensten noodzakelijk. De taak van onze vrijetijdscoördinator wordt nog belangrijker om voor het hele sport, cultuur en jeugdwerk één duidelijke communicatie en doelstelling op te zetten zodat elke ouder, kind en jongere haar gading vindt in onze gemeente. In het nieuwe vrijetijdscentrum hopen we alvast dat een medewerker samen met onze jongeren een dynamisch jeugdhuis uit de grond kan stampen. Maar behalve een plek om te ontspannen of te feesten, kan een jeugdhuis ook samen studeerplekken organiseren.

We moedigen samenwerking aan door gedeeld en polyvalent gebruik van ruimte te belonen bij de toekenning van subsidies voor jeugdinfrastructuur. Het delen van die infrastructuur kan tijdelijk of occasioneel zijn. Gedeeld ruimtegebruik is steeds een positieve keuze met aandacht voor de eigenheid van de verenigingen in plaats van een besparingsmaatregel.

Gezinnen krijgen helaas soms af te rekenen met het verlies van een kind. Op onze begraafplaatsen herwaardeerden we de foetusweide maar er is zeker nog plaats voor een gezinsvriendelijke rouwplek.

En voor onze allerkleinsten willen we in elk gebouw met een openbare functie een kindvriendelijke WC en een verzorgingstafel.

Wil je onze jongeren van Jong Groen leren kennen en weten waar ze voor staan : bekijk dan dit filmpje.

Zorgen voor elkaar

Zorgen voor elkaar omdat iedereen recht heeft op een menswaardig bestaan. Dat is ons vertrekpunt voor een sterk sociaal beleid. En een sterk lokaal sociaal beleid vraagt een sterke lokale overheid. Een overheid die een gericht, participatief en horizontaal sociaal beleid voert. Een overheid die zowel regisseur als actor is en vanuit die dubbele rol verschillende zorgactoren efficiënt laat samenwerken. Een overheid die een toegankelijke, vraaggestuurde dienstverlening aanbiedt en zich inschakelt in een veranderend zorglandschap.

Wat stellen wij concreet voor :

  • Het lokaal sociaal beleid wordt weldoordacht ingebed in het lokaal beleid, dat betekent een verregaande integratie van het OCMW in de gemeentewerking, het OCMW kan opgaan in de dienst welzijn.
  • We voorzien voldoende budget voor lokaal sociaal beleid. De integratie gemeente-OCMW betekent geen sluipende afbouw van middelen. Het lokaal sociaal beleid zal als apart beleidsdomein in het meerjarenplan komen. Hierdoor kunnen budgetverschuivingen naar andere beleidsdomeinen enkel plaatsvinden na goedkeuring door de gemeenteraad.
  • We beschouwen de integratie van het OCMW en de gemeente tegelijkertijd als een opportuniteit om van het lokaal beleid een integraal sociaal beleid te maken. We bouwen de sociale reflex in elk beleidsdomein in. Bv. we denken aan de vrijetijdsparticipatie van kansengroepen in het jeugd- en cultuurbeleid; we bekijken ruimtelijke ordening en mobiliteit vanuit het perspectief van mensen in armoede of kwetsbare groepen zoals kinderen en ouderen, we denken aan de toegankelijkheid en de mogelijkheid tot intergenerationele ( kinderen-senioren-jongeren) ontmoeting.

 

Naar ouderen en zorgbehoevenden willen we :

  • een leeftijdsvriendelijke gemeente zijn waar ouderen actief betrokken worden bij het maatschappelijk leven en waar gebouwen, straten en pleinen toegankelijk zijn voor iedereen. We zorgen voor duidelijke communicatie ( en niet alleen digitaal ) en treden met ouderen in dialoog. De vergrijzing werkt in op heel wat meer terreinen dan alleen sociaal beleid en zorg. Er is vaak nood aan een aanpak die de verschillende beleidsdomeinen overstijgt.
  • een dementievriendelijke gemeente zijn zodat ook mensen met dementie en hun mantelzorgers een volwaardige plaats kunnen innemen in de lokale gemeenschap.

Opnieuw kijken we naar de buurt en straten want we willen inzetten op buurtgerichte zorg. In dit verhaal wordt sterk gekeken naar wat buurtbewoners nodig hebben. Er is veel aandacht voor bestaande informele hulp, vrijwilligers en mantelzorgers, voor ontmoeting en overleg. Buurtgerichte zorg heeft een grote meerwaarde, maar we moeten voor een sterke professionele omkadering zorgen. Zorgvragers kunnen op die manier (langer) in de eigen omgeving blijven. Hierdoor kunnen zij meer beroep doen op het eigen netwerk en behouden zij het contact met het bekende sociaal weefsel.  Buurtgerichte zorg is ook één element in de versterking van sociale cohesie en het tegengaan van eenzaamheid.

Hoe organiseren we dat. We geven enkele voorbeelden :

  • Als gemeente nemen we een regisseursrol op en zorgen we  ervoor dat de professionele zorg zich inschakelt in het lokale netwerk. Het dienstencentrum, woonzorgcentrum Den Olm, huisartsen, thuisverpleging, leren we op die manier samenwerken in hun buurt.
  • We organiseren een zorgknooppunt in het dienstencentrum maar ook in het gemeentehuis waar men terecht kan met alle zorgvragen.
  • We richten  een zorgnetwerk op :  vrijwilligers nemen daarin verschillende taken op, zoals ziekenvervoer of een bezoek brengen aan mensen in eenzaamheid. Een cruciale succesfactor is de aanstelling van een professionele netwerkcoördinator. Deze vormt de link tussen de vrijwilligers en de zorgbehoevenden, en tussen de zorgbehoevenden en een netwerk van diensten. De activering van een zorgnetwerk zorgt ervoor dat mensen langer thuis kunnen wonen en dat maatschappelijk kwetsbare gezinnen bijkomend ondersteund worden. Bovendien worden verborgen noden sneller gedetecteerd.
  • Het dienstencentrum  in Rijmenam, gelegen in Sint-Maartensberg is een ontmoetingsplek, en behalve een antwoord op zorgvragen bundelen we er verschillende diensten die je kunnen helpen langer thuis te wonen of je gezin ondersteunen. Maar het kan ook een plek zijn waar je terecht kan voor extra vorming over computergebruik of een warme maaltijd kan eten. En waarom zouden we de leerlingen van de Knipoog er ’s middags niet laten warm eten ? Of samen de pastorijtuin onderhouden ? Bezoekers van het centrum en kinderen kunnen elkaar beter leren kennen.

 

Mantelzorg !

Mantelzorgers spelen een cruciale rol in een zorglandschap en verdienen een goede ondersteuning, ook vanuit de gemeente. Daarom richten we een gemeentelijk informatiepunt in voor mantelzorgers. Mantelzorgers zijn vaak ook 'zorgmanagers'. In het gemeentelijk informatiepunt kan men terecht met alle zorgvragen en vinden mantelzorgers een overzicht van alle zorgdiensten. Op regelmatige basis worden de mantelzorgers gecontacteerd met de vraag of er veranderde noden zijn.

We kunnen mantelzorgers tijdelijk ontlasten van hun vaak zware taak door respijtzorg. We bouwen bijvoorbeeld een oppasdienst uit in samenwerking met het lokaal dienstencentrum of het woonzorgcentrum. Of we richten een databank op die de vraag naar mantelzorg koppelt aan het aanbod van vrijwilligers in de gemeente.

We willen in onze bedrijven een mantelzorgvriendelijk personeelsbeleid promoten. Mantelzorg moet bespreekbaar worden op de werkvloer en er moeten  flexibele werkregelingen bestaan. Met Groen pleiten we trouwens voor een Vlaamse mantelzorgpremie.

Tot slot blijven heel wat mensen graag lang thuiswonen. Nieuw woonvormen, als een soort cohousing, waar ouderen en jongeren samen kunnen wonen, gemeenschappelijke ruimten, een tuin of de auto delen en tegelijkertijd elkaar ondersteunen. In onze gemeente zijn heel wat huizen alvast voldoende groot om meerdere mensen een warme thuis te geven mits enkele aanpassingen. Stedenbouwkundige voorschriften mogen dit niet in de weg staan.

Waar blijven we met afval ?

Afval voorkomen blijft de meest milieuvriendelijke keuze.

Daarom willen we handelaars en marktkramers ondersteunen om af te zien van plastic zakken en geven we steun aan consumenten om verpakkingsvrij te winkelen. We voorzien in herbruikbare draagtassen met de branding van de gemeente, zodat de mensen een alternatief hebben voor wegwerpzakken of zouden we erin kunnen slagen een verpakkingsvrije winkel te laten openen ?

Bouwmaterialen vormen een grote afvalstroom en het hergebruik blijft nog erg beperkt. Online bestaan er fora om materialen uit te wisselen, maar een fysiek uitwisselpunt is er nog niet. Zou een bouwmateriaalpunt onder bepaalde modaliteiten tot stand kunnen komen ?

Burgers aanmoedigen om zo weinig mogelijk afval te produceren is de eerste prioriteit, recyclage aanmoedigen de tweede. Daarom moeten we proberen de kringwinkel naar onze gemeente te halen of misschien kan een herstelwinkel dit gat in de markt laten opvullen.

Tot slot zijn we voorstander van statiegeld op drankblikjes en petflessen. Dit zullen we altijd aankaarten bij de verantwoordelijke overheden.

Mobiliteit

Nabijheid zorgt voor bereikbaarheid!

Het startpunt van een duurzaam mobiliteitsbeleid is een sterk ruimtelijk beleid. Kernversterking en het slim mengen van functies zijn onze sleutelwoorden.

Als wonen en werken, winkelen, onderwijs en recreatie in elkaars buurt gebeuren, als belangrijke voorzieningen zich op plaatsen bevinden die goed bereikbaar zijn (of gemaakt kunnen worden) met duurzame modi (te voet, met de fiets of het openbaar vervoer), dan hebben we vanzelf veel minder (auto)verplaatsingen nodig om mobiel te zijn.

 

Openbaar vervoer en collectief vervoer.

Onze rechtstreekse rol bij de ontwikkeling van het openbaar vervoer is vaak beperkt. Toch durven we als gemeente verder zoeken naar mogelijkheden om het gebruik van het openbaar vervoer te bevorderen.

In de eerste plaats zullen we blijvend een actieve lobbyrol opnemen naar De Lijn en de NMBS bij het bepleiten van een frequent en comfortabel openbaar vervoer, onder ander in het kader van de vervoersregio’s. We kunnen vragen om Station Muizen om te vormen tot halte Muizen-Bonheiden met een frequentere verbinding naar Bonheiden en Rijmenam-centrum op één of andere manier, misschien een kleinere bus of shuttledienst of via een app dat het aanbod en de vraag communiceert. Want elk uur kruisen honderden auto’s met vrije plaatsen het traject Rijmenam-Bonheiden- station Muizen-Mechelen. Zo creëren we een soort ‘moderne lift-service’, betaalbaar én duurzamer én voordeliger.

Of we vragen extra pendelparking aan het station van Muizen specifiek voor onze carpoolers ?

 

Een tram naar Bonheiden zal niet terugkeren. Zelfrijdende (deel)auto’s zitten in de pijplijn maar gaan onze mobiliteit nog niet zo snel overnemen vermoedelijk. Een zelfrijdende pendel (kleine busjes – ‘WePods’– zelfrijdende voertuigen zonder bestuurder) op een vast traject lijken meer kans te maken om binnen enkele jaren ingezet te worden. Ze worden sinds 2016 in Nederland uitgebreid getest. Dit moeten we zeker op de agenda zetten van de vervoersregio.

Ook op diezelfde agenda is meer samenwerking nodig met de stad Mechelen om een geautomatiseerde (snelle) pendel tussen Bonheiden, de randparkings, (shopping)centrum en het station te realiseren.

 

Het openbaar vervoer zal nooit de volledige vervoervraag kunnen dekken omdat Bonheiden en Rijmenam te landelijk zijn. We kiezen daarom voor een lokale buurtbus met diverse functionaliteiten ( leerlingenvervoer, mindermobielenvervoer, …) en een slim combinatiebeleid waarbij we streven naar goed bediende haltes in kernen met oplossingen op maat voor de “laatste kilometer” zoals goede fietsvoorzieningen en autodelen. Of misschien is het promoten van plooibare (elektrische) fietsen een optie.

 

We willen als gemeente ook voortrekker zijn bij oplossingen voor collectief vervoer op maat : de organisatie van een Pick Up Community (PUC) waarbij inwoners die tijdens hun rit langs één van de verkeersknooppunten rijden, hun rit (met de eigen of de gedeelde wagen) kunnen delen. Deze PUC krijgt ook een digitale aanvulling zodat vraag en aanbod via een digitaal platform kunnen gelinkt worden.

En als gemeente faciliteren we de overgang van bezit naar gebruik  De gemeente kan een actieve rol spelen om het autodelen te promoten: informatie voorzien, aanbieders actief aanspreken, standplaatsen voorzien (gratis of voordeeltarief); ter beschikking stellen van auto’s uit het gemeentelijke wagenpark lijkt ons alvast een must en als voorbeeldrol. Daar maakten we in 2018 alvast werk van, in het voorjaar 2019 rijden de eerste elektrische deelwagens rond.

 

Waar kan versterken we verder ons fietsstratennetwerk. Een fietsveiligere oversteek vanuit onze langste fietsstraat ( de Oude Baan ) naar Mechelen en naar de fiets-o-strade staat alvast op onze agenda.

We moeten onze centrum-straten nog toegankelijker en aangenamer maken voor wandelaars, mindervaliden en fietsers, alleen daardoor wil men de auto aan de kant laten.

De rioleringswerken in het centrum van Rijmenam zullen mee zorgen voor betere en  toegankelijkere centrumstraten, maar misschien moeten we de Kruisstraat ook herontwerpen zodat buurtbewoners en vooral bewoners van Zonneweelde comfortabel en veilig het centrum kunnen bereiken. Ook de fietspaden in het centrum van Bonheiden vinden we het herbekijken waard.

In ons programma-item over publieke ruimte vind je ook acties die raken aan mobiliteit zoals :

Het is een must om te starten met het autoluwer maken van schoolomgevingen zodat we de lucht rondom onze scholen schoner krijgen. We willen onze onverharde wegen toegankelijker maken voor de fiets opdat ze een schonere route zijn onderweg naar school of werk. En vanuit de Broekstraat willen we dat je de school beter kan bereiken langs een rolstoeltoegankelijk pad.

Vrije tijd, wat doe je ermee?

We zien vrijetijdsbeleid  als een goed werkend trio van bibliotheek, cultuur- en sportbeleid . Door alle bevoegdheden die raken aan de vrije tijd zoals erfgoed, toerisme, bibliotheek, cultuur en sport door maximaal 2 schepenen te laten opnemen, kunnen we daar echt beter werk van maken.

Ook hier zetten we betrokkenheid en participatie hoog op de agenda. Iedereen kan zelf vrijetijdsaanbod mee maken, daarom stimuleren we vrijwillig engagement met een engagementscoach. Want iedereen die zich wil engageren, verdient een toeleiding naar de beste plek voor zijn/haar engagement.

Onze gemeente heeft reeds een heel uitgebreid aanbod. Dat aanbod moet aanvullend zijn op wat anderen aanbieden. We kunnen het aanbod van burgers en organisaties faciliteren en hun aanbod mee promoten en waar er te hoge drempels zijn voor bepaalde doelgroepen zoeken we samen naar de ideale toegankelijkheid. De gaten in de sport- en cultuurmarkt vullen we vervolgens als gemeente verder in.

 

Duurzaam sport en cultuur beleven.

- Zowel een cultuur- als sportbeleid kan verduurzamen. Zo is de zorg voor het cultureel, immaterieel en onroerend erfgoed (monumenten, landschappen, stads- en dorpsgezichten, archeologie...) een vorm van duurzaam beleid. Je zorgt voor de kwaliteit van het verleden als bron van inspiratie voor de toekomst ! Met de opmaak van een landschapsbeheersplan voor domein Zellaer en voor de ruime regio rond de Bruinbeekvallei kunnen we middelen vinden om dat landschap en haar herkenningspunten te bewaren en te laten beleven door volgende generaties. De panden tegenover de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Bonheiden zullen een nieuwe bestemming krijgen, we voerende reeds bijzonder vele gesprekken maar de volgende jaren willen we resultaten zien.

- Ons sport- en cultuurpatrimonium moet zuinig zijn in energiegebruik via nieuwe materialen en technieken.  De bouw van een nieuwe sportkeet aan Berentrode is een must, maar misschien in een andere vorm en met een andere inhoud zodat het polyvalenter kan ingezet worden. De sportkeet aan Mechelsbroek is zó energieverslindend dat een afbraak de enige optie lijkt. Het domein ligt nabij de natuur van Mechelsbroek en kan een belangrijke natuurwaarde krijgen.

- Socio-culturele activiteiten vragen aangepaste accommodaties, behalve duurzaam moeten ze de beleving verhogen. Met een veranda aan de achterzijde van de Rijmenamse pastorij, een gerestaureerde Sint-Martinuszaal en een Krankhoeve die een serieuze upgrade moet krijgen hopen we alvast die beleving te verhogen. Het jeugdcentrum en de sportkeet zijn reeds opgestarte projecten die we ambitieus willen afronden. 

- Ook sporten in je buurt is duurzaam want zo hoef je alvast geen verre verplaatsingen te maken. Iedereen heeft recht op een basis sportinfrastructuur in de eigen buurt en daarom willen we vooral inzetten op buitensportinfrastructuur : een kleine looppiste in domein Sluyts, een outdoor fitness op het nabije speelplein en een goed onderhouden wandel-en MTB-circuit. Landelijke wegen, jaagpaden, natuur, bos en parken zijn het terrein bij uitstek voor zachte recreatie als lopen, wandelen of fietsen. Onze groene buitenruimte is zo één grote sportaccomodatie !

 

Maar een goed sportbeleid vertrekt ook van wat van onderuit groeit en opborrelt, met aandacht voor buurtsport. Misschien kunnen we sport meer naar je straat of wijk brengen, zoals de Playmobil het spel tot bij de kinderen en jongeren brengt, kan ook buurtsport mensen aan het bewegen zetten.  Daag je buren uit voor een petanquespel of we zetten er een mobiele voetbalgoal en het eerste straattornooi waar de even huisnummers het opnemen tegen de oneven huisnummers is hopelijk volgende zomer een feit !

En hetzelfde gaat natuurlijk op voor cultuur in je buurt : wat wil jij beleven in de Sint-Martinus zaal ?, en is het plaatselijk speelplein jouw plek om je zangtalenten te tonen aan je buren ? 

 

Groene ruimte

We kiezen voor inbreiding, kernversterking en compacter wonen opdat er meer ruimte komt voor een kwalitatieve publieke ruimte, en vooral meer buurt- en wijkgroen. We willen dat er in de onmiddellijk woonruimte steeds een publiek groen plein, speelplein, bos of natuurgebied is. Dat lijkt in onze gemeente misschien aardig te lukken maar we moeten dit koesteren en stop durven zeggen tegen de verharding.

En er is domein Zellaer. Groen heeft de aankoop sterk gesteund en wil deze groene oase vrijwaren voor de toekomst. Behalve de gebouwen kunnen we het parkgebied en de bossen een functie geven zoals speelbos, geboortebos of natuurbegraafplaats. Of is er plek voor stiltebeleving ?

 

Laat ons het groen dat nog is ! Daarom pleiten voor een groennorm en groenontwikkelingspercentages in de ruimtelijke uitvoeringsplannen. Bij de realisatie van een project moet de projectontwikkelaar dan deze percentages halen. Als hij daar niet in slaagt, betaalt hij een last waarmee de gemeente zelf via een groenfonds projecten kan ondersteunen voor meer groen in de gemeente.

We moeten ook ongebruikte en onderbenutte ruimtes eerst leren gebruiken om het tekort aan groen in de omgeving te keren. Wie een stukje braak heeft liggen, durven we vragen het te beplanten.

En nog meer groen krijgen we door de omgevingsvergunning.  Deze omgevingsvergunning, waarbij bouw- en milieuvergunningen in één procedure worden samengevat, biedt kansen om bij elke bouwaanvraag na te gaan wat de natuurwaarde op het perceel kan zijn waarop gebouwd of verbouwd wordt. Ook Bonheiden kan hiermee aan de slag door er bepalingen rond natuurbijdrage in op te leggen, net zoals de bepalingen die bestaan voor parkeerplaatsen, nokhoogtes en energieprestaties. Aanleg van een bepaalde percentage groenblauwe infrastructuur bij ontwikkelingen kan een minimum richtlijn worden. Want het kan niet dat wie in een bos wil wonen, plots al zijn bomen gaat omhakken.

Bij grotere woonprojecten, kantoorcomplexen en voorzieningen zoals scholen, rusthuizen en ziekenhuizen kan het groene gedeelte van het project semi-publiek ingericht worden zodat de omwonenden er ook van kunnen genieten. Hier proberen we al samen met Imelda en Natuurpunt aan te werken en ook bij het sociaal woonproject in de Zwarte Leeuwstraat realiseerden we samen een speelplek en ontmoetingsplek voor de buurtbewoners. De praktijkervaring leert dat we moeten blijven nastreven.

Ook de eigenaars van bossen en natuurgebieden stimuleren we om samen te werken met Natuurpunt, het Regionaal Landschap Rivierenland en met de Bosgroep Antwerpen-Zuid.  Zij kunnen de toegankelijkheidsregelingen bevorderen en de natuurwaarden verhogen door een aangepast beheer toe te passen.

En natuurlijk verkiezen we een openbaar groen met een biodiversiteit aan planten, goed voor vlinders en bijen en boomsoorten die voldoende weerstand hebben om de gevolgen van de klimaatverandering te kunnen weerstaan. Het is voor ons ook evident dat bij elk rioleringsproject in de straat reeds in de ontwerpfase ernstig wordt nagedacht over de invulling van het openbaar groen

 

Onderwijs

We ijveren om het concept brede school ingang te doen vinden !

De brede school is dé plaats waar de persoonlijkheid van kinderen op zoveel mogelijk domeinen tot ontplooiing komt: cognitief, artistiek, sportief, in de natuur,... Maar dit veronderstelt een intense samenwerking tussen scholen en andere lokale spelers.

Zeer concreet willen we dat onze scholen zich na de schooluren en in vakanties transformeren tot een draaischijf voor de buurt : kinderopvang, lager onderwijs, buitenschoolse opvang, opvoedingsondersteuning, sport- en muziekactiviteiten, workshops allerhande... kunnen er een plek krijgen. Ook verenigingen, buurtcomités, ouders en andere organisatoren van kleine evenementen zijn deel van het brede schoolverhaal. De coördinator van het brede schoolproject is de sleutelfiguur om alles op elkaar af te stemmen. Deze hoeft niet noodzakelijk uit de school zelf te komen. Als gemeente kunnen we hier iemand op inzetten en kan dit een nieuwe dynamiek geven aan het vrijetijdsbeleid, voor jong én oud !

Een brede school kan gezinnen ontlasten, want als jouw kinderen hun hobby's beleven onmiddellijk na de schooluren én in de school, hoef jij 's avonds niet meer de baan op...

 

 

Politiezorg van hoge kwaliteit

Groen zet in op een nabije en aanspreekbare politie, die borg staat voor een kwalitatieve basispolitiezorg : onthaal, wijkwerking, interventie, slachtofferopvang, opsporing en onderzoek, handhaving en herstel van de openbare orde, verkeer.

Groen wil voldoende wijkagenten te voet of per fiets in de wijk aanwezig en aanspreekbaar. Contactgegevens van wijkagenten worden ruim bekend gemaakt en we proberen het verloop van wijkagenten te beperken.

Groen moedigt politieambtenaren aan om woon-werkverkeer in uniform af te leggen. Daarmee verhogen ze hun aanwezigheid in het straatbeeld en op het openbaar vervoer. Om snelle interventies mogelijk te maken, zijn het gebruik van fietspatrouilles zeer zinvol.